Kamelen zijn iheems in Azie, met name de Gobi woestijn. Ze zijn groter dan dromedarissen en zijn bestand tegen ruwere klimaten. In de gobi woestijn kan het overdag in de zomer 121 graden worden en min 20 graden in de winter. De gedomesticeerde kamelen bevolking ligt rond de 2 miljoen. Kamelen zijn verantwoordelijk geweest voor het openen van de zijde routes vanuit China en werden gebruikt als lastdier in Rusland en Siberie.
Het meest herkenbare aan een kameel is natuurlijk zijn bult. Deze is opgebouwd uit vetweefsel dat kan worden omgezet in energie en water waneer hier behoefte naar is. Wanneer de kameel gebruik maakt van deze reserves zal de bult krimpen. Als de vetreserves helemaal zijn uitgeput zal de bult langs het lichaam hangen. Wanneer de kameel dan weer een week voedsel, water en rust heeft gehad zal de bult weer herstellen naar de orginele vorm. Deze vetreserve heeft ook als extra functie het lichaam zo vetvrij mogelijk te houden hierdoor zal het in de intense hitte van de woestijn koeler zijn voor deze dieren dan het lijkt.
Een kameel heeft als voedsel de voorkeur aan grass, dadels en graan maar zal wanneer voedsel schaars is zich aan passen en vrijwel alles wat hij tegenkomt eten. Denk hierbij aan doornen, botten, vlees of de tent van de eigenaar. Kamelen moeten zout in hun voeding hebben en kunnen vies water drinken waar andere dieren ernstig ziek van zouden worden. Ze hebben zeer scherpe tanden die niet alleen gebruikt worden om voedsel te krijgen maar ook om zichzelf te verdedigen.
Leuke feitjes over Kamelen